De bowtie: de klantreis die niet stopt bij de deal
Eén model waarmee marketing, sales en customer success dezelfde taal spreken, met elkaar samenwerken en samen de groei kunnen doorrekenen. Van prospect tot en met de klant die blijft groeien.
In mijn loopbaan heb ik sales en marketing altijd laten samenwerken: één team, gezamenlijke targets, dezelfde definities. Ik kende de conversies van prospect naar MQL, naar SQL, naar opportunity en naar gewonnen deal. Daardoor kon ik het jaar erop doorrekenen wat we nodig hadden. Toch bleven er twee open punten: het ontbrak aan een gesloten loop, en na het sluiten van de deal was er altijd het risico dat klanten afhaakten. Ik zocht een model dat dit allemaal kon afvangen, en ik vond de bowtie. Het bleek precies wat ik miste: samenhang, en een manier om de vinger op de zere plek te leggen.
Wat mij overtuigt, is dat dit een model is dat werkt: één model dat meerdere uitdagingen tegelijk oplost. Vier daarvan kom je vaak tegen.
Het proces stopt bij de deal. De klassieke funnel eindigt op het moment waarop bij terugkerende omzet de echte klantreis begint. Retentie blijft onderbelicht, terwijl slechte retentie geld kost.
Teams met een eigen taal. Marketing, sales en customer success tellen elk op hun eigen manier. Dan gaat het gesprek over definities in plaats van over de klant.
Cijfers die niets verklaren. Een gemiddelde winrate laat niet zien welke stap lekt, en bij wie.
Een omzetdoel zonder vertaling. Wat betekent tien extra klanten voor het aantal prospects, gesprekken en voorstellen?
De bowtie komt uit Revenue Architecture van Jacco van der Kooij (Winning by Design).
De bowtie in één beeld
Links staat acquisitie. Hier belooft en bewijs je waarde, en het kost geld. Je telt aantallen. Rechts staan onboarding, retentie en expansie. Hier maak je die belofte waar, en hier verdien je terug. Je rekent in geld. In het midden zit de gewonnen deal, de taille. Een klassieke funnel houdt hier op. De bowtie bouwt daarop voort en loopt door.
Veeg opzij om het hele diagram te zien
Op de lijn staan de volumes (VM), ertussen de conversies (CR), eronder de fase en de tijd (Δt). Bovenaan staat wie verantwoordelijk is. De fasenamen zijn de internationale termen van het model.
Drie lagen op dezelfde reis
Volume · VM
Hoeveel zitten er op dit punt?
Van prospects links tot omzet en lifetime value rechts. Elk volume heeft één definitie en één verantwoordelijke.
Conversie · CR
Welk deel gaat door naar de volgende stap?
Twee uitzonderingen: CR5 is de prijs en geen conversie, en CR8 komt als opslag op de bestaande omzet, niet als vermenigvuldiging.
Tijd · Δt
Hoe lang duurt de overgang?
De wachttijd tussen acties, niet de duur van de actie zelf. Δt1 is je reactietijd op een prospect, Δt4 de sales cycle, Δt6 de tijd tot de eerste impact, Δt8 de klantlevensduur.
VM
Wat tel je
Conversie naar de volgende stap
Verantwoordelijk
VM1
Prospect: past bij je doelprofiel op situatie, pijn en impactpotentieel
CR1 · campagnes die aandacht trekken
Marketing
VM2
MQL: toont interesse en laat contactgegevens achter
CR2 · een lead ontwikkelen tot iemand die het salestraject in wil
Sales
VM3
SQL: ervaart genoeg pijn om actie te overwegen
CR3 · kwalificatie op prioriteit, vaak in een discoverygesprek
Sales
VM4
Opportunity (SAL): het is bevestigd dat dit prioriteit heeft en niets doen een gevolg heeft
CR4 · de winrate
Sales
VM5
Gewonnen deal: wederzijdse commitment
CR5 · de prijs, die het aantal deals omzet maakt
Sales
VM6
Gecommitteerd: de omzet die is vastgelegd
CR6 · aandeel klanten dat succesvol onboardt
Customer Success
VM7
Omzet bij start: gecommitteerd, minus uitval in onboarding
CR7 · behoud van omzet bij bestaande klanten
Customer Success
VM8
Jaaromzet: de terugkerende omzet op jaarbasis
CR8 · extra omzet uit upsell en cross-sell, met Sales als verantwoordelijke
Customer Success
VM9
LTV: de omzet over de hele klantlevensduur
Sluit de cirkel: groei uit bestaande klanten
Sales (up- en cross-sell)
Marketing draagt over bij de overgang van prospect naar MQL. Sales pakt de MQL dus al op, niet pas bij de SQL. Na de gewonnen deal gaat de klant naar customer success, ook wel support of after sales, dat onboarding en behoud verzorgt. Up- en cross-sell pakt sales weer op.
De geoliede machine om op te schalen
Omdat elke stap een volume en een conversie heeft, wordt de bowtie vanzelf een rekenmodel. Links vermenigvuldig je de conversies: een kleine verslechtering werkt door in elke stap erna. Er is daar geen terugkoppeling (open loop), dus je moet zelf bijsturen. Rechts tel je jaren op: omzet die blijft, groeit mee, en het systeem geeft zelf terugkoppeling (closed loop), want een klant die niet verlengt, verlaagt de omzet vanzelf. Zo kun je terugrekenen vanuit een doel en inzoomen op waar de activiteiten zitten.
Voorbeeldcijfers ter illustratie van het principe. Geen gegeven uit jouw praktijk. Aannames: één discoverygesprek per SQL en gelijkblijvende conversies bij dit volume. De uitwerking en het rekenvoorbeeld zijn van Krug Groeimotor.
Stap
Per jaar
Conversie
Wat dit vraagt
Doel · gewonnen deals (VM5)
10
CR5 × €30.000 prijs
€300.000 gecommitteerd (VM6)
Opportunity (VM4)
40
CR4 = 25%
40 trajecten tot en met de handtekening
SQL (VM3)
80
CR3 = 50%
80 discoverygesprekken
MQL (VM2)
200
CR2 = 40%
200 leads opvolgen
Prospect (VM1)
2.000
CR1 = 10%
2.000 prospects bereiken
Omdat de stappen op elkaar volgen, werkt een kleine verandering door in het eindresultaat. Worden alle vier de conversies relatief 5% slechter, dan levert dezelfde instroom van 2.000 prospects geen 10 maar ruim 8 deals op: bijna een vijfde minder. En elke conversie bestaat zelf weer uit deelstappen. Zoom je in op CR4, dan blijkt de winrate een reeks van kennismaking, voorstel, onderhandeling en handtekening, en bepaalt de zwakste schakel waar de winst zit.
Rechts werkt het andersom. Stel dat je in dit voorbeeld €300.000 gecommitteerd hebt, dat geen klant in de onboarding afvalt en dat de omzet bij bestaande klanten netto, na behoud en uitbreiding, met 5% per jaar groeit. Dan is de totale omzet over vijf jaar ruim €1,6 miljoen. Slechts 18% daarvan valt in het eerste jaar. De rest wordt verdiend na de deal.
Wat het oplevert
Concreet lost dit de vier uitdagingen op. Behoud: retentie en expansie krijgen een eigen plek, eigen cijfers en elk een eigen verantwoordelijke, dus de reis stopt niet bij de deal. Eén taal: marketing, sales en customer success werken met dezelfde definities, ook bij meerdere motions. Of je nu een no-touch, medium-touch of high-touch motion hebt, ze liggen op dezelfde bowtie en dus op dezelfde meetlat. De zere plek: je ziet per stap, per team en per persoon waar het lekt. Doorrekenbaarheid: een omzetdoel wordt een aantal prospects, gesprekken en voorstellen.
Klassieke funnel
Groei komt uitmeer deals winnen
Na de dealbeperkte feedback, vaak alleen een tevredenheidscijfer
Goede klanten zijnklanten die niet weglopen
Bowtie
Groei komt uitmeer winnen, bestaande klanten behouden en laten groeien
Na de dealcontinue terugkoppeling, de klantreis loopt door
Goede klanten zijnklanten die groeien
Dat is wat voor mij een model laat werken. Het lost niet één probleem op: het geeft marketing, sales en customer success één plek waar hun problemen samenkomen, en maakt zichtbaar waar je moet beginnen.
Wil je weten waar in jouw bowtie de zere plek zit? Dan drinken we er een kop koffie over.
Zie ook de verdieping Winrate is geen los cijfer: hoe de zwakste schakel in een reeks bepaalt waar de winst zit.